Het Study Group Symposium: verslag van drie toespraken

AfdrukkenAfdrukkenSend by emailSend by email
Richard Keeler
Joycee Patterson
Joycee Patterson
Doug Cable
Doug Cable
David Glass
David Glass

Door Richard Keeler, Trustee Urantia Foundation, Evanston, Wyoming, Verenigde Staten

Urantia Association International sponsorde in juni het vierdaagse Study Group Symposium. Het was speciaal afgestemd op leiders van studiegroepen.

De openingstoespraak werd gegeven door Gaétan Charland van Québec, Canada.

Hij stelde de vraag: Waarom studiegroepen? Hij las de instructie uit het Publication Mandate dat “duizenden studiegroepen in leven moeten worden geroepen”. Hij las ook de volgende uittreksels voor uit een brief uit 1981 van Emma Christensen, beter bekend als Christy:

“Een van onze belangrijkste taken is het opstarten van veel studiegroepen. Er moeten duizenden worden gevormd zodat we leraren en leiders klaar hebben staan voor de dag waarop Het Urantia Boek en zijn leringen vele vrienden over de hele wereld nodig heeft.”

“Adam en Eva kregen de opdracht om via hun nakomelingen wat ik noem lichtbakens uit te zetten over de hele wereld, maar hun verzuim maakte hieraan een einde. Ik denk dat we hen misschien een handje kunnen helpen door studiegroepen te stimuleren zoals ons is verteld en door ze te koesteren totdat ze op zichzelf kunnen staan.”

Gaétan wees erop dat sinds de publicatie van Het Urantia Boek 59 jaar zijn verstreken. En we hebben wereldwijd 584 studiegroepen: 383 in Noord-Amerika, 117 in Zuid-Amerika, 50 in Europa 17 in Afrika en 8 in Australië.

Van de 196 landen in de wereld hebben er 30 studiegroepen.

“Onze uitdaging”, zei Gaétan, “is onze studiegroepen op één lijn te brengen met het Publication Mandate.” (zie voor het Publication Mandate: https://www.urantia.org/urantia-foundation/history#pub).

Gaétan zei: “Ik heb geen enkele twijfel in mijn hoofd dat jij en ik, de gastheer/vrouw van studiegroepen, de belangrijkste leiders van de beweging zijn.” Niet één waterdruppel denkt dat hij verantwoordelijk is voor de overstroming.

Na Gaétan’s plenaire toespraak, vormden we studiegroepen van zeven tot acht personen om te praten over en antwoorden te bieden op voorbereide vragen.

David Kulieke hield de plenaire middagtoespraak van de eerste dag. De titel van zijn speech was: “ Effectief groepsleiderschap”. Volgens David zouden groepsleiders drie belangrijke speerpunten moeten hebben:

  1. het verdiepen, door gebed en aanbidding, van de spiritualiteit van de leden van de studiegroep;
  2. het verbeteren van de kwaliteit van de studie van het boek; en
  3. het versterken van ons gemeenschapsgevoel.

David gaf aan dat “studiegroepen heel, heel belangrijk zijn” en dat “studiegroepleiders heel, heel belangrijk zijn bij ons streven naar een krachtiger gemeenschap, het kweken van meer begrip en meer echt gebed en echte aanbidding.”

Na Davids presentatie braken we op in middagstudiegroepen om te discussiëren en mogelijk meer van tevoren ingediende vragen te beantwoorden.

Joycee Patteron was de plenaire spreker op ochtend twee van het symposium. “Carpe diem” was de titel van haar toespraak. Ze wees erop dat de toespraak van Gaétan zich richtte op het beantwoorden van de vraag: Waarom een studiegroep? Ze zei dat haar toespraak zou gaan over het beantwoorden van de vraag: Hoe bereiken we de richtlijnen van het Publication Mandate, dat de nadruk legt op het zoeken van waarheid en gerechtigheid. Dat zoeken, zegt Joycee, is spiritueel, niet intellectueel. En ze spoorde ons aan om ons bewust te zijn van het belang van het behoud van het evenwicht tussen het spirituele en het intellectuele in onze studie van het boek. Gebed gaat over minder denken en meer beseffen. Volgens Het Urantia Boek is “gebed de meest krachtige stimulans voor geestelijke groei”.

Sheila Keene-Lund hield op de tweede dag in de middag een plenaire toespraak getiteld “Wil je de wereld veranderen?” en met als ondertitel “ De spirituele kenmerken van studiegroepen”. Sheila benadrukte dat wanneer één persoon plus één persoon harmonieus samenwerken aan een project, meer lijken op vier personen als het aankomt op hun mogelijkheden om iets te bereiken en te volbrengen.

Sheila pleit voor vrome en devote meditatie vóór en na de studiegroep, als middel on ons LQ te verhogen, dat is, ons liefdes quotient. Ze haalde Jonathan Swift aan, de achttiende eeuwse Ier die Gullivers Reizen schreef. “We hebben net genoeg religie om te kunnen haten, maar niet genoeg om ons van elkaar te laten houden”.

Doug Cable, “de rondzwervende Urantiaan”, vertelde ons over het rijden in zijn camper van hier naar daar om studiegroepen te bezoeken langs de hele oostkust van de Verenigde Staten, vandaar naar Louisiana en Texas en zelfs naar de staat Washington. Doug had een lijst van ongeveer vijftien voorstellen voor studiegroepen waaronder deze:

  1. Maak voor en na de studiegroep tijd voor sociale contacten en gezelligheid.
  2. Reserveer tijdens de bijeenkomst een moment voor gebed en aanbidding.
  3. Heb een leider die erop toeziet dat de groep bij het onderwerp blijft.
  4. Verzorg regionale mini-conferenties.
  5. Ga in gesprek over transformatie van overtuigingen naar geloof.

David Glass gaf een lezing met als titel “Het glorieuze goede nieuws”. David zei dat “het creëren van studiegroepen een van de meest superieure middelen van dienstbaarheid is die menselijkerwijs voor ons voorhanden is op dit ogenblik. David bepleit:

  1. mission statements/doelstellingen voor studiegroepen;
  2. het bezoeken van andere studiegroepen voor kruisbestuiving;
  3. periodieke bijeenkomsten van twee studiegroepen, en
  4. te onthouden dat het belangrijkste aspect van een studiegroep is de geestelijke vooruitgang van het individu.

Georges Michelson-Dupont was de laatste spreker op het symposium. Zijn toespraak droeg de titel “Diepgaande studiegroep strategie en praktijk”. Hij vroeg ons: “Zijn wij apostelen, discipelen, acteurs of alleen maar toeschouwers van de vijfde openbaring?” Wij zijn verantwoordelijk, zei Georges, voor het verzorgen en promoten van de wereldwijde verspreiding van efficiënte en aantrekkelijke studiegroepen.” Georges denkt dat als studiegroepen de kritieke massa van 12 tot 13 leden bereiken, deze in twee groepen moeten opsplitsen. Georges pleit ervoor dat studiegroep-deelnemers vóór het samenkomen de tekst lezen en hij denkt dat studiegroepen die een hele dag duren, uitermate productief zijn. Bezoek voor meer informatie: http://urantia.org/study/strategy-and-practice-in-depth-study-groups-urantia-book.

Het Study Group Symposium dat op donderdagochtend begon, eindigde zondag na de lunch.

(Symposium educatie materiaal, motiverende video’s, foto’s van forumleden, foto’s van symposium-deelnemers, power-point presentaties, materiaal van het Publication Mandate en video’s en toespraken kun je aanvragen bij [email protected].)

Georges Michelson-Dupont, Gaétan Charland en Richard Keeler
Georges Michelson-Dupont, Gaétan Charland en Richard Keeler

Información de fondo

AfdrukkenAfdrukken

Urantia Foundation, 533 W. Diversey Parkway, Chicago, IL 60614, USA
Telefoon: +1-773-525-3319
© Urantia Foundation. Alle rechten voorbehouden